arrow_drop_up arrow_drop_down
23 december 2018 

Waarom wisselen zo weinig 50-plussers van baan?

Sinds 2008 zijn er niet zoveel mensen van baan gewisseld als nu. Het switchen van werk gebeurt echter voor het grootste gedeelte onder mensen jonger dan vijftig. Waarom wisselen zo weinig 50-plussers van baan?

“Het verschil tussen de leeftijdsgroepen is eigenlijk vrij gemakkelijk te verklaren”, vertelt Andries de Grip, hoogleraar Arbeidsmarkt en Scholing aan de Universiteit Maastricht. “Als 50-plussers ergens zitten, is het voor hen vaak financieel gezien het rendabelst om daar te blijven zitten”, stelt de hoogleraar.

Angst is een andere reden voor 50-plussers om niet van baan te veranderen. Een sprong in het diepe is beangstigend voor mensen die al jarenlang hetzelfde werk doen, bevestigt Anne-Marije Buckens, eigenaar en oprichter van 50 Company, een loopbaancentrum voor 50-plussers.

“Het is een veelgehoorde angst, die ertoe leidt dat veel mensen het lastig vinden om in beweging te komen”, vertelt Buckens, die 50-plussers loopbaanadvies geeft.

Geld is toch het belangrijkst

Toch is volgens Buckens de financiële factor toch het belangrijkst. “De angst die wij het vaakst horen, is de financiële. Als je ergens heel lang werkt, heb je een behoorlijk salaris opgebouwd. Dat salaris kunnen ze ergens anders niet zo gauw krijgen.”

Dat hoge salaris valt te verklaren door de ervaring die ze hebben opgedaan in de tijd die ze op hun positie zitten. “Ze hebben specifiek menselijk kapitaal binnen het bedrijf en de sector”, vervolgt De Grip, die tevens directeur is van het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA).

“Eigenlijk zeggen wij: als je gewoon een baan hebt en deze wordt niet bedreigd, blijf dan vooral zitten”

Andries de Grip, Hoogleraar Arbeidsmarkt en Opleiding

“Als je dan ergens anders gaat werken ga je ineens veel minder verdienen. Hierdoor doe je er op die leeftijd helemaal niet meer goed aan om van baan te wisselen, stelt De Grip. “Eigenlijk zeggen wij: als je gewoon een baan hebt en deze wordt niet bedreigd, blijf dan vooral zitten en houd je competenties voor dat werk op peil. Want je zult elders niet hetzelfde kunnen verdienen.”

Slechts 6 procent van 45-plussers wisselt van baan

En dat van baan wisselen doen 50-plussers inderdaad niet vaak. In 2017 wisselde bijna een derde van de werkende jongeren van beroep. Bij 25- tot 45-jarigen was dit 13 procent en binnen de groep 45-plus slechts 6 procent.

Dat bleek in maart vorig jaar uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Bij alle leeftijdsgroepen steeg het aantal mensen dat van baan wisselden, behalve onder de 45-plussers. Hun aantal bleef nagenoeg hetzelfde als de afgelopen jaren.

Baanwisselingen per leeftijdsgroep (in duizendtallen)

Gebrek aan werkloosheid ook een reden

Naast de angst voor verandering en het feit dat het financieel niet aantrekkelijk is om van baan te wisselen, is er ook nog een derde reden, vertelt ROA-directeur De Grip.

“Er zijn relatief weinig 50-plussers die werkloos worden, veel minder dan bijvoorbeeld jongeren. Als deze mensen echter werkloos worden, is het ook hartstikke moeilijk voor ze om nieuw werk te vinden.”

“Als 50-plussers werkloos worden, is het ook hartstikke moeilijk voor ze om nieuw werk te vinden”

Andries de Grip

Dit heeft met name weer te maken met het verwachtingspatroon van de 50-plussers, zij verwachten meer te verdienen, gebaseerd op wat ze eerst verdienden, stelt De Grip.

Solliciteren op een ‘ouderwetse’ manier

Daarnaast is het moeilijker werk te vinden voor deze groep, omdat ze vaker op een ‘ouderwetse’ manier solliciteren, stelt loopbaancoach Buckens.

“We leven in een netwerksamenleving, 80 procent van de beschikbare banen komt niet naar buiten als een vacature”, vervolgt de oprichter van 50 Company.

De 50-plussers reageren vervolgens grotendeels op de verschenen vacatures, “en dan zit je maar in 20 procent van het aanbod te vissen”, sluit Buckens af.

Omscholen op je veertigste

Daarbij is het lastiger voor 50-plussers om opnieuw aan werk te komen, omdat werkgevers minder snel geneigd zijn deze mensen om te scholen. “Werkgevers doen dit minder snel, omdat de omscholing niet wordt terugverdiend”, verklaart De Grip. Reden hiervoor is dat ze dichter op hun pensioen zitten.

Een oplossing hiervoor die de hoogleraar aandraagt, is een mid-career omscholing. “Op je veertigste met je met je werkgever om tafel zitten om te kijken naar je toekomstperspectief in je huidige baan en de vraag te stellen ‘kun je dit werk nog volhouden tot je pensioen?'”, sluit de ROA-directeur af. “Zo niet dan moet je op die leeftijd de stap maken naar een ander vakgebied.”

Het is echter maar de vraag of werkgevers hier op zitten te wachten. De Grip noemt een metselaar als voorbeeld. “Mensen zijn op hun veertigste op hun best, dus die wil je liever niet kwijt. Aan de andere kant is het niet duurzaam om iemand jaren in dienst te nemen en dan stuk te laten lopen op een leeftijd waarop hij of zij zich nog moeilijk omgeschoold kan worden naar ander werk.”

Bron: nu.nl

Over de schrijver
Reactie plaatsen